Vulkanologie

Als je dichtbij zou komen, niet zomaar een beetje maar echt dichtbij, zou je het voelen. Hoe diep in mij dingen begraven liggen onder dikke lagen vriendelijkheid en aardigheid. Die lagen vormen samen mijn hard gesteente.
Je zou ook iets anders voelen.
De zinderende hitte onder al die lagen.
De druk die zich langzaam opbouwt.
Want ik ben een vulkaan. Een slapende.
Ik raad je aan om heel goed op te passen.

De slachtoffer-dader-dynamiek is een vuil ding. Je vraagt je soms af welke kant het smerigst voelt. Dader zijn, weten dat je op jouw beurt dingen doet die niet ok zijn, omdat het ooit met jou gebeurde? Of de andere kant? Lamlendig incasseren en je ook nog eens schuldig voelen om datgene wat jou overkomt? Je kijkt in de spiegel en je voelt je een vod. Klaar om nog maar eens uitgewrongen te worden. Je bent vies, bezoedeld. Waardeloos.

Ik besef eindelijk dat ik me bang voel. Ik kan moeilijk omschrijven hoe dat is. Omdat het heel de tijd aanwezig is voel ik het niet meer bewust. Ik absorbeer het en sla het op in mijn buik. Die trek ik in en hou ik vast. Net zoals de glimlach op mijn gezicht. Dit is hoe ik in het leven sta. ’s Ochtends neem ik braaf m’n pilletjes. Ze helpen iets te onderdrukken dat echt niet wil geleefd worden. Maar is het geen wet uit de fysica dat als je duwt, dezelfde kracht tegenduwt? Ik ben het beu. De angst. De onveiligheid.

Maar ik weet niet of ik het aan zou kunnen om het echt onder ogen te komen. Ik denk eerlijk gezegd van niet. Laat me dus maar, het gaat goed zo. Ik leef, werk en functioneer. Is dat niet al heel veel? Meer mag ik toch niet verwachten in dit leven? Hou dus op met aan me te trekken. Neem een stap terug, of twee, en laat mij met rust. Laat me verder slapen. Zo heb ik het graag. Zo is het veilig.

Meestal ben je een meisje. Soms een vrouw. Je trekt foute mannen aan. Je hebt geen idee hoe je dat precies doet. Maar het overkomt je telkens opnieuw. Grote, sterke mannen. Mannen die jou zullen redden. Want je voelt je hulpeloos in dit leven. Je hebt nooit geleerd verantwoordelijkheid te nemen. Dat is niet jouw fout. Je zelfbeschikking werd jou ontnomen. En dus voelt de wereld als onveilig aan. Heb je iemand nodig die jou beschermt want zelf heb de tools niet. Je beleeft een vast patroon met die mannen. Aantrekken en afstoten. Veel drama. En boy, wat voelt dat lekker. Het is de beste seks ever. Maar na een tijd sluipt er iets in je relatie, je kan er je vinger niet opleggen. Iets respectloos, iets autoritairs. Het blijft niet meer zo lekker.
Je wil weg. En je hebt hem zo nodig. En je wil weg. En je hebt hem zo nodig…

Ik heb zo hard geprobeerd. Loyaal te zijn en te blijven. Te blijven bij hem. Aardig te zijn. En lief. Maar hij kanaliseerde z’n woede op mij. Altijd op mij. Ik fungeerde als bliksemafleider. Er was vast wel iets dat ik verkeerd gedaan had. Maar weet je, dat was echt niet zo. Toen ik dat doorhad, werd ik pas echt kwaad.

Sommige mannen richtten hun woede op een ander. Maken dingen kapot. Sommige vrouwen richtten hun woede naar binnen. Maken zichzelf kapot. Maar jij haat woede. Het maakt je ziek. Je wil zo graag harmonie en zachtheid. Dus slik je. Zwijg je. Ben je hier in lijf en leden maar is je ziel ergens anders. In la-la-land. Het is daar goed, zacht en rustig. Je voelt je daar zo prettig. Want je drijft en dobbert op fijne gedachten en herinneringen. Stel dat iemand over jouw grenzen gaat en jou binnendringt, hetzij in woorden of daden, dan. Niets. Je lijf verstijft en gaat in freeze. In een bedreigende situatie is dat jouw enige mogelijkheid. Zo hoop je op te gaan in de omgeving en de vijand te overtuigen dat er bij jou niets meer te halen valt. Maar hoe levend ben je dan nog?

Ik wil mijn kwaadheid, mijn pijn liever niet voelen, dat is mijn overlevingsstrategie. Dat weet ik ook wel. In dit leven doen we dat toch allemaal? We zoeken naar onze ideale verdoving. Drank, drugs, kleren of sigaretten. Spanning, kicks of drama. Ik weet echt niemand die onschuldig pleit. Ik oordeel niet over jou en jij niet over mij. Laten we dat afspreken. Want wat moet ik ermee? Jouw idee dat ik me laat gebruiken?  Dat ik geen zelfrespect heb? Dat ik meer voor mezelf moet opkomen? Wat weet jij er van? Waar ik vandaan kom? Wat ik al heb meegemaakt?

Ik ben het slachtoffer van liefde.
Goedbedoelde, gekwetste, behoeftige, misbruikte liefde.

En het maakt me razend.

Dus mocht je nog steeds willen afdalen diep in mij, wees dan voorzichtig.
Het kolkt daar. Het is roodheet daar.
Want in mijn buik zit vloeibare woede die plots kan opborrelen. Al heb je je bekwaamd in begrijpen, meten en weten, je kan niet voorspellen wanneer het zal gebeuren.

Ineens zal de aarde trillen, beven en openscheuren.
In een razendsnelle gaswolk van pijn, gif en woede zal mijn vuiligheid naar buiten komen.
Je zal je willen omkeren en weglopen maar het is te laat.
Mijn mond spuwt vuur, in mijn ogen schitteren gensters van gevaar.
Ik ben prachtig in al mijn woestheid.
Voor jou geen tijd meer om weg te geraken. Nee, je blijft staan.
Eindelijk zie je me in al m’n kracht, in al m’n schoonheid.
Ik verslind je.
En ik zal schokken, afkoelen en tot rust komen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

About Liesbeth Vanderbeke

En schrijven zult ge